Voorbereiding
Tijdens werkcollege 1 zijn de debatgroepen verdeeld, wat betekende dat ik op 18 oktober aan de beurt was over Journalistiek en Nieuwe Media. Het gastcollege van Bert Brussen werd ter voorbereiding hierop gegeven.
Op maandag 18 oktober was het de beurt om ons debat te voeren. Samen met mijn groepsgenoten Ludwine, Roos, Michelle, Mariane en Max hadden we na het college van de heer Brussen afgesproken om de stelling te formuleren en de taken te verdelen. Ter voorbereiding hierop had ik de literatuur ingelezen en zelf stellingen bedacht:
1. Door de opkomst van burgerjournalistiek middels technologische ontwikkelingen verliest de 'oude' media haar collectieve alleenrecht en dat is slecht voor de Nederlandse samenleving.
2. Professionele journalisten moeten meer loslaten aan traditie en meegaan met de opkomende burgerjournalistiek en zodoende meer bemiddelaars worden.
3. Een journalistieke code is met de opkomst van burgerjournalistiek noodzakelijk voor de kwaliteitshandhaving van de nieuwsgaring.
4. (Micro)blogs zullen de traditionele media vervangen en kranten op den duur overbodig maken.
Naar aanleiding van deze stellingen en de voorbereiding van de groepsgenoten zijn we gekomen tot een stelling:
Journalistiek als professionele beroepsgroep moet veranderen naar een open praktijk
Tot slot werden de rollen verdeeld, waarna we aan de slag gingen met de stelling en onze rol. Ik mocht samen met Michelle de voorstanders vertegenwoordigen, waar Ludwine de rol van voorzitster op zich naam en Mariane, Roos en Max de tegenstanders waren.
Na het doen van bronnenonderzoek hebben Michelle en ik de volgende argumenten aangedragen:
- De journalistiek is al op weg naar een open praktijk. Het is een ontwikkeling die niet tegen te houden is. Wanneer de traditionele media aan deze ontwikkelingen toegeven en meewerken, kan dat tot een beter resultaat leiden.
- Het toenemen van de kwantiteit en snelheid waarop nieuwsgaring en verspreiding plaatsvindt door het inzetten van de burger als verslaggever en het gebruik van nieuwsbronnen op het Internet enerzijds en de kwaliteit door verdieping en onderzoekskant van de journalistiek anderzijds.
- De grens tussen het publiek/ de burger en de journalistiek vervaagt. Hierdoor en door de technologische ontwikkelingen op het gebied van journalistiek, wordt prosumerschap, interactiviteit en participatie van de burger gestimuleerd waardoor ook het aantal bronnen en de variatie in nieuws toeneemt.
Het debat
Tijdens het werkcollege van maandag 18 oktober was het de beurt om ons debat te voeren.
Ludwine leidde het debat in en lichtte de stelling toe met de begripsbepaling en onze keuze voor deze stelling.
Hierna was het de beurt aan Michelle die namens ons de voorargumenten deelde met de tegenstanders en het publiek. Door haar heldere stem, rustige houding en overtuigingskracht bracht ze de argumenten goed over, helaas met iets te weinig bronnen.
Na de tegenargumenten van Roos was het onze beurt om hierop in te gaan met een weerlegging. Hiervoor nam ik het woord en bracht een aantal argumenten naar voren onderbouwd door informatie van het CBS, een oratie van hoogleraar journalistiek J. Bardoel en de oratie van M. Chavannes, hoogleraar journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Michelle vulde me aan met een voorbeeld over Wikipedia.
Hierop ging de tegenpartij in de persoon van Max en Roos in op onze weerlegging en brachten een aantal bronnen aan om onze argumenten onderuit te halen. Gebaseerd op het feit dat de open praktijk al gaande is en de toevoeging van de burgerjournalist aan de 'klassieke' journalistiek zette onze argumenten kracht bij. Het debat was een feit en het ging over en weer. Voorzitster Ludwine greep een aantal keer in om argumenten concreter te laten verwoorden of om een spreker te concretiseren. De tweede weerleggingsronde eindigde met tussenkomst van het publiek die zich in het debat mengden. Uiteindelijk rondde de voorzitster het debat af.
Evaluatie
Na een vragenronde kijk ik met goed gevoel terug op het debat, dat levendig werd gehouden door actieve deelname van (bijna) alle debatteurs en een goed optreden van de voorzitster. Doordat het publiek haar mening aan het einde goed naar voren kon brengen was de positieve feedback van docent E. Kotkamp naar mijn mening op zijn plaats. Zoals ze stelde was er een duidelijke verschuiving te zien van het niveau en de opzet van het debat. De leercurve werd zichtbaar.
Mijn ervaring over het debat:
· Ik vond het lastig om argumenten te vinden gaandeweg het debat. Het was een zoektocht in het papierwerk.
· De voorbereiding kon beter om zodoende beter uit de verf te komen en de argumenten kracht bij te zetten
· Het was leerzaam om te merken hoe de groep met het debat omging, elkaar de ruimte gaf om argumenten te geven en zich inleefde in het onderwerp.
Vervolgens had het publiek had een aantal opmerkingen op ons debat:
· De stelling is onduidelijk met vage woorden, die vaker toegelicht zou moeten worden om de strekking van de stelling duidelijk te maken.
· De stelling zou meer richting moeten krijgen. Een voorbeeld dat wordt gegeven: Het is goed dat de journalistiek verschuift naar een open praktijk.
· Het bronnengebruik mocht meer.
· Beter voorbereiden
· De lichaamstaal was redelijk, mocht meer gericht op het publiek
· Mijn spreekstijl was helder en rustig
· Er heerste een ontspannen sfeer
Tot slot gaf docente E. Kotkamp nog een tweetal tips voor een volgende keer:
· Gebruik meer praktische voorbeelden
· Gebruik meer literatuur, zoals de tekst van Deuze waarin een type journalistiek wordt benoemd. Hierdoor kan de stelling ook concreter worden gemaakt.
Al met al ben ik tevreden met dit leerzame debat en mijn rol daarin. Ik heb mijn argumenten kunnen geven, de anderen ruimte gegeven dit te doen en met respect gehandeld naar de voorzitster, de tegenstanders en het publiek. Zoals de bedoeling is, heb ik hier veel van geleerd met het oog op goed debateren.
Tot slot zal ik de bronvermelding toevoegen:
Literatuur:
1. Deuze, M (2003): “The Web and its Journalisms: Considering the Consequences of Different Types of Newsmedia Online”
2. Hermida, A (2010): “From TV to Twitter: How Ambient News Became Ambient Journalism”
3. Chavannes, M: “ iMedia: nieuwe journalistiek, nieuw burgerschap?”
4. Bardoel, J (2010): “Toekomst voor de journalistiek”, oratie aan de Radboud Universiteit Nijmegen
Internetbronnen