Over mij

Ik ben premaster student 'Nieuwe Media en Digitale Cultuur' aan de Universiteit Utrecht. Deze blog is geschreven in opdracht van de cursus 'Nieuwe Media in het actuele debat'. Een leerzame cursus die actualiteit over nieuwe media combineert met het debat. Zo komen onderwerpen als journalistiek, privacy en de politiek aan de orde. Vanwege mijn vorige opleiding (Commerciele Economie - International Event, Music and Entertainment Studies) en verdere interesses in de muziek- en entertainmentwereld probeer ik in dit blog een interessante combinatie te maken tussen deze vakgebieden en de cursus. Veel leesplezier.

woensdag 20 oktober 2010

Verslag Groepsdebat 'Nieuwe Media en Journalistiek'

Voorbereiding
Tijdens werkcollege 1 zijn de debatgroepen verdeeld, wat betekende dat ik op 18 oktober aan de beurt was over Journalistiek en Nieuwe Media. Het gastcollege van Bert Brussen werd ter voorbereiding hierop gegeven.

Op maandag 18 oktober was het de beurt om ons debat te voeren. Samen met mijn groepsgenoten Ludwine, Roos, Michelle, Mariane en Max hadden we na het college van de heer Brussen afgesproken om de stelling te formuleren en de taken te verdelen. Ter voorbereiding hierop had ik de literatuur ingelezen en zelf stellingen bedacht:

1. Door de opkomst van burgerjournalistiek middels technologische ontwikkelingen verliest de 'oude' media haar collectieve alleenrecht en dat is slecht voor de Nederlandse samenleving.
2. Professionele journalisten moeten meer loslaten aan traditie en meegaan met de opkomende burgerjournalistiek en zodoende meer bemiddelaars worden.
3. Een journalistieke code is met de opkomst van burgerjournalistiek noodzakelijk voor de kwaliteitshandhaving van de nieuwsgaring.
4. (Micro)blogs zullen de traditionele media vervangen en kranten op den duur overbodig maken.

Naar aanleiding van deze stellingen en de voorbereiding van de groepsgenoten zijn we gekomen tot een stelling:

Journalistiek als professionele beroepsgroep moet veranderen naar een open praktijk

Tot slot werden de rollen verdeeld, waarna we aan de slag gingen met de stelling en onze rol. Ik mocht samen met Michelle de voorstanders vertegenwoordigen, waar Ludwine de rol van voorzitster op zich naam en Mariane, Roos en Max de tegenstanders waren.

Na het doen van bronnenonderzoek hebben Michelle en ik de volgende argumenten aangedragen:

-  De journalistiek is al op weg naar een open praktijk. Het is een ontwikkeling die niet tegen te houden is. Wanneer de traditionele media aan deze ontwikkelingen toegeven en meewerken, kan dat tot een beter resultaat leiden.
-   Het toenemen van de kwantiteit en snelheid waarop nieuwsgaring en verspreiding plaatsvindt door het inzetten van de burger als verslaggever en het gebruik van nieuwsbronnen op het Internet enerzijds en de kwaliteit door verdieping en onderzoekskant van de journalistiek anderzijds.
-  De grens tussen het publiek/ de burger en de journalistiek vervaagt. Hierdoor en door de technologische ontwikkelingen op het gebied van journalistiek, wordt prosumerschap, interactiviteit en participatie van de burger gestimuleerd waardoor ook het aantal bronnen en de variatie in nieuws toeneemt.

Het debat
Tijdens het werkcollege van maandag 18 oktober was het de beurt om ons debat te voeren.
Ludwine leidde het debat in en lichtte de stelling toe met de begripsbepaling en onze keuze voor deze stelling.

Hierna was het de beurt aan Michelle die namens ons de voorargumenten deelde met de tegenstanders en het publiek. Door haar heldere stem, rustige houding en overtuigingskracht bracht ze de argumenten goed over, helaas met iets te weinig bronnen.
Na de tegenargumenten van Roos was het onze beurt om hierop in te gaan met een weerlegging. Hiervoor nam ik het woord en bracht een aantal argumenten naar voren onderbouwd door informatie van het CBS, een oratie van hoogleraar journalistiek J. Bardoel en de oratie van M. Chavannes, hoogleraar journalistiek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Michelle vulde me aan met een voorbeeld over Wikipedia.
Hierop ging de tegenpartij in de persoon van Max en Roos in op onze weerlegging en brachten een aantal bronnen aan om onze argumenten onderuit te halen. Gebaseerd op het feit dat de open praktijk al gaande is en de toevoeging van de burgerjournalist aan de 'klassieke' journalistiek zette onze argumenten kracht bij. Het debat was een feit en het ging over en weer. Voorzitster Ludwine greep een aantal keer in om argumenten concreter te laten verwoorden of om een spreker te concretiseren. De tweede weerleggingsronde eindigde met tussenkomst van het publiek die zich in het debat mengden. Uiteindelijk rondde de voorzitster het debat af.

Evaluatie
Na een vragenronde kijk ik met goed gevoel terug op het debat, dat levendig werd gehouden door actieve deelname van (bijna) alle debatteurs en een goed optreden van de voorzitster. Doordat het publiek haar mening aan het einde goed naar voren kon brengen was de positieve feedback van docent E. Kotkamp naar mijn mening op zijn plaats. Zoals ze stelde was er een duidelijke verschuiving te zien van het niveau en de opzet van het debat. De leercurve werd zichtbaar.

Mijn ervaring over het debat:
·         Ik vond het lastig om argumenten te vinden gaandeweg het debat. Het was een zoektocht in het papierwerk.
·         De voorbereiding kon beter om zodoende beter uit de verf te komen en de argumenten kracht bij te zetten
·         Het was leerzaam om te merken hoe de groep met het debat omging, elkaar de ruimte gaf om argumenten te geven en zich inleefde in het onderwerp.

Vervolgens had het publiek had een aantal opmerkingen op ons debat:
·         De stelling is onduidelijk met vage woorden, die vaker toegelicht zou moeten worden om de strekking van de stelling duidelijk te maken.
·         De stelling zou meer richting moeten krijgen. Een voorbeeld dat wordt gegeven: Het is goed dat de journalistiek verschuift naar een open praktijk.
·         Het bronnengebruik mocht meer.
·         Beter voorbereiden
·         De lichaamstaal was redelijk, mocht meer gericht op het publiek
·         Mijn spreekstijl was helder en rustig
·         Er heerste een ontspannen sfeer

Tot slot gaf docente E. Kotkamp nog een tweetal tips voor een volgende keer:
·         Gebruik meer praktische voorbeelden
·         Gebruik meer literatuur, zoals de tekst van Deuze waarin een type journalistiek wordt benoemd. Hierdoor kan de stelling ook concreter worden gemaakt.
Al met al ben ik tevreden met dit leerzame debat en mijn rol daarin. Ik heb mijn argumenten kunnen geven, de anderen ruimte gegeven dit te doen en met respect gehandeld naar de voorzitster, de tegenstanders en het publiek. Zoals de bedoeling is, heb ik hier veel van geleerd met het oog op goed debateren.

Tot slot zal ik de bronvermelding toevoegen:

Literatuur:

1. Deuze, M (2003): “The Web and its Journalisms: Considering the Consequences of Different Types of Newsmedia Online”

2. Hermida, A (2010): “From TV to Twitter: How Ambient News Became Ambient Journalism”

3. Chavannes, M: “ iMedia: nieuwe journalistiek, nieuw burgerschap?”

4. Bardoel, J (2010): “Toekomst voor de journalistiek”, oratie aan de Radboud Universiteit Nijmegen


Internetbronnen










3 opmerkingen:

  1. Hoi René,

    Wat me als eerste opvalt bij je blog is de layout. Het tekstvak is erg smal en je zou dat kunnen oplossen door slechts één zijbalk te gebruiken in plaats van twee. Het leest wat fijner als de tekst wat breder is, zo past er trouwens ook meer informatie op het beeldscherm.

    Daarnaast zie ik dat je je bronnen aangeeft. Dat is goed, maar ze zijn niet volledig. Bij artikelen horen publicatieplaats en datum en bij internetpagina's horen ook auteurs, titels, datum van plaatsing en datum van bezoek. Lees de regels hierop nog even na.

    Je nieuwsberichten vind ik van goede kwaliteit. Je legt kort uit wat er aan de hand is en geeft dan je eigen kijk erop.

    Je debatverslagen zijn goed en volledig, waarbij je alle aspecten toelicht. Je mist trouwens nog een debatverslag van serious games. Ik heb er verder weinig op aan te merken. Ik denk dat je een goede kijk hebt op wat er goed en fout gaat in een debat.

    De verslagen van de gastcolleges beginnen allemaal met de voorbereiding, waar je eigenlijk gewoon je literatuurlijst neerzet. Het is misschien beter om deze aan het einde te vermelden. Op deze manier heb je een beetje vreemde inleiding op je verslag. Je eindigt je verslag met je eigen mening, waarbij je soms gebruik maakt van zinnen als "ik denk..." en "ik ben het eens met". Probeer dit te vermijden en laat bijvoorbeeld "ik beargumenteer.." zien. Op die manier komt het wat academischer en overtuigender over.

    Hopelijk heb je hier wat aan!
    Groeten,
    Eline

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hoi Rene, hierbij mijn feedback:

    Inhoud
    Je geeft duidelijk de visie van de gastsprekers in je weekverslagen en in je teksten komt het verband tussen de gastspreker en de schrijver van de teksten die we moeten lezen, naar voren. Op deze manier wordt voor de lezer van de blog duidelijk hoe de standpunten tussen hun samenkomen.

    In je weekverslag over media en journalistiek sluit je af met de zin: ‘’Met andere woorden, een gastcollege dat praktijkvoorbeelden combineerde met de stellingen in de literatuur.’’ Ik zou zelf meer ingaan op jou eigen visie en hiermee afsluiten. Wat is jou stelling? Hoe denk jij erover? Misschien dat je eigen standpunt meer kan verwerken in je weekverslagen. Ik zag wel dat je in het weekverslag van Tim Kuik wel je eigen standpunt liet zien. Dat is zeker goed. Alleen heb je in hier een rare opbouw. Ik zou zelf kiezen voor een inleiding, middenstuk en slot. Nu vertel je eerst je literatuur, maar die zou ik onderaan zetten en in je tekst alleen ernaar verwijzen.

    Dan nog kort over je artikelen. Je gekozen artikelen passen goed binnen de cursusinhoud. Leuke artikelen ook om te lezen. Ik zou zelf alleen niet stukken teksten kopieren van de originele site, maar in je eigen woorden vertellen wat er in het artikel beschreven is. In je artikelen neem je wel een stelling in, maar ik zou ook nog proberen uit te leggen waarom jij dit artikel hebt gekozen en waarom dit artikel bij de cursusinhoud past.

    Opbouw
    De opbouw van je blog is duidelijk en overzichtelijk. Makkelijk om bepaalde onderdelen van de blog te vinden. Een tip die ik zelf heb gekregen en aan jou wil doorgeven is het gebruik maken van tags in de sidebar. Hierdoor zijn bepaalde onderwerpen makkelijker vindbaar, maar dit is in mijn ogen niet noodzakelijk, omdat je blog een duidelijk overzicht heeft.

    Schrijfstijl
    De schrijfstijl is duidelijk en hierdoor makkelijk leesbaar. Probeer wel op zinnen te letten als ‘ik denk’ of ‘ik vind’. Je kan er ook voor kiezen om niet gebruik te maken van ‘ik’ in je weekverslagen, door zinnen anders te formuleren, maar ik begrijp dat het een blog is en dat je vanuit je eigen perspectief wilt schrijven in plaats van academisch schrijven.

    Vormgeving
    Je vormgeving is niet opvallend, maar echter wel fijn om te lezen. Je raakt niet afgeleid door felle kleurtjes en dit maakt de blog ook serieus.

    Bronnen
    Ik zou nog een keer goed naar je bronvermelding van iedere tekst van je blog kijken. In bijvoorbeeld je weekverslag van Tim Kuik begin je met je literatuur aankondigen, ik had dit ook al bij de inhoud genoemd dus zal ik er nu niet op verder gaan.

    Je maakt goed gebruik van veel bronnen, dit is zeker goed, maar zou ik proberen een juiste notering hanteren voor het vermelden van een bron. Soms zet je alleen een link van een website neer als bron, maar een juist vermelding van een bron verteld ook de auteur en de data.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ik zie nu ook dat je blog heel smal is, wanneer ik mijn bericht post, Misschien dat je voor een andere lay-out kan kiezen.

    Ik hoop dat je wat aan mijn feedback hebt!

    BeantwoordenVerwijderen